Sweet Gray Pea

Ark of taste
Back to the archive >

Kollumer Swiete Eart

The Kollumer sweet gray pea (called swiete eart  in the local dialect or zoete erwt in Dutch) is a variety of the Pisum sativum species. The plant blooms with lilac flowers which give way to the pea pods. The fresh peas have a beautiful color: a light greenish-yellowish background with a marbled pattern. After the harvest, the plants are dried under a roof. In the process of drying, the color of the peas changes to a darker, brownish color. The sweet gray peas are used to make a traditional pea soup.   The Kollumer sweet gray pea is a very old regional crop that has been almost completely forgotten since the 1960s. It was widely used in past decades, mainly for personal use by the growers, but it was never a commercialized product. Just as with brown beans and other peas, the gray peas were traditionally eaten by people performing heavy physical labor. They were usually served in hearty recipies, fried up with streaky bacon, for instance. Cooking traditions changed, however, after the need for heavy labor declined, and like so many other beans and peas, the gray pea went out of fashion.   Cultivation of this variety nearly ceased, as it was replaced by other pea varieties like the Marrofat or Admiral that were easier to grow and higher yielding.  This nearly caused its extinction, until Jan van der Velde of the town of Kollum happened to stumble across the old pea variety. Working together with the Knowledge Center for Frisian Crops, he was able to rescue the variety and discover new possibilities for its use. Just six peas were originally saved, and are the basis of the very limited production that exists today in Friesland, in the northern Netherlands. Despite their present success story, the production of these peas is still extremely limited. Further education and use of the pea in everyday dishes could help bring the Kollumer sweet gray pea back into Dutch culinary culture. 

Back to the archive >
De Grauwe Erwt is een oud streekgewas dat in de jaren 60 is verdwenen. Jan van der Velde uit Kollum redde hem van de ondergang en noemde hem Kollumer Zoete Erwt.

De Grauwe Erwt of Rozijnerwt ‘Kollumer Zoete Erwt’ werd tot de jaren zestig veelvuldig gegeten, vooral in het noordoosten van het land. Net als capcijners en droge bonen, werden grauwe erwten veel gegeten door mensen die zwaar lichamelijk werk moesten doen. Het werd "zwaar" klaargemaakt, met uitgebakken spek bijvoorbeeld. Toen dat zware werk niet meer zo nodig was, veranderde de keuken. 
en is de grauwe erwt uit beeld geraakt, zoals veel andere erwten en droge bonen.  
 
De grauwe erwt verdween nagenoeg volledig omdat andere erwten zoals kapucijners zijn plaats in namen. Deze soorten zijn makkelijker te oogsten en hebben een betere opbrengst. De Grauwe Erwt was daarom met uitsterven bedreigd totdat Jan van der Velde uit Kollum deze soort tegen het lijf liep. Samen met het Kenniscentrum voor Friese Gewassen te Sumar heeft hij het ras bewaard en gekeken naar nieuwe mogelijkheden. In 2006 kregen Piet Hoekstra en Jaap de Jong van Jan van der Velde zes erwten. Hiermee hebben ze nu in 2011 letterlijk en figuurlijk weer een bloeiende teelt opgezet. 
 
Niettemin is de productie natuurlijk zeer beperkt en om die reden heeft de Ark van de Smaak Commissie besloten de Zoete Grauwe Erwt in de Ark op te nemen. Ook omdat we denken dat er veel lichtere gerechten mee te bereiden zijn die prima in de moderne keuken passen. 

Territory

StateNetherlands
Region

Friesland

Other info

Categories

Legumes